Achter de grafstenen op het Schoonselhof schuilen sterke verhalen. De militaire begraafplaats ligt vol spionnen, priesters en piloten uit de Eerste Wereldoorlog. Tijdens de wandeling 'Schoonselhof '14-'18' maak je kennis met 10 persoonlijke verhalen uit de Groote Oorlog.
Op 28 augustus 1914 werd hier voor het eerst iemand begraven. De stadsbouwmeester had al langer plannen om van het adellijke domein een begraafplaats te maken, maar de oorlog was hem voor.
In de wolkeloze nacht van 24 op 25 augustus werd Antwerpen vanuit de lucht gebombardeerd door een zeppelin. Dertien Antwerpenaars kwamen daarbij om, maar ironisch genoeg was het eerste graf bestemd voor een Duitser. Cavalerist Otto Zschocke raakte gewond bij Gete en overleed in het militair hospitaal van Berchem. De meeste soldaten kwamen niet op het slagveld om, maar in de noodhospitalen die in de stad waren ingericht, zoals in de Zoo en de Diamond Club. Daar werden gewonden verzorgd door priesters en leerkrachten die wilden helpen zonder de wapens op te nemen.
Voor het graf van Jan Olieslagers zit een tuinman op zijn knieën gras af te steken. Zou hij weten dat de Antwerpse piloot 97 luchtgevechten op zijn naam heeft staan? Aan het begin van de Eerste Wereldoorlog stond de Belgische luchtvaart nog in de kinderschoenen. Het Militair Vliegwezen hield vooral verkenningsvluchten voor de grondtroepen. Later vocht men ook in de lucht, waarbij piloten elkaar vanuit hun cockpit beschoten met een pistool. Ervaren vliegeniers zoals Jan Olieslagers waren dan ook meer dan welkom. Ook al is zijn graf opvallend eenvoudig, ‘The Antwerp Devil’ ging de geschiedenis in als held.
Hij was nog zo’n memorabel personage. De Duitsers omschreven hem als één van de gevaarlijkste spionnen. Hij was een meester in vermommen: de ene dag was hij kantoorbediende, de volgende veekoopman. Hij smokkelde honderden mannen naar Nederland, en richtte een groot spionagenetwerk op. Uiteindelijk werd hij toch gevat en na 5 maanden ondervraging gefusilleerd. In het Schoonselhof liggen de verhalen van pijn en moed, zij aan zij.