Welkom!

Antwerpen.be maakt gebruik van cookies. Aan de hand van die cookies verzamelt en analyseert Antwerpen.be informatie over uw bezoek. Genieten van een optimale A-ervaring? Bevestig met alle cookies toestaan. Stel voorkeuren in en bepaal welke informatie u met Antwerpen deelt. Houd er rekening mee dat bepaalde media enkel beschikbaar zijn indien u de cookies ervan aanvaardt. Antwerpen.be bewaart cookievoorkeuren. U kan ze aanpassen via cookies beheren. Meer weten? Raadpleeg onze Cookieverklaring. Antwerpen.be waardeert uw vertrouwen en wenst u een verrijkende surfervaring toe!

Brandweer Zone Antwerpen
Korporaal Palm bij de snelle interventiewagenBrandweer Zone Antwerpen

Pompier “niet echt” van hier

De tijd dat alle brandweermannen (m/v)  “van ‘t Stad” zelf waren, is al even voorbij. Bij Brandweer Zone Antwerpen werken, naast rasechte Antwerpenaren, ook collega’s van over heel Vlaanderen. Van aan de kust tot diep in Limburg. Maar de collega die de kroon spant, is Timo (29). Korporaal Palm komt al zeven jaar lang helemaal uit Duitstalig België om de koekenstad en haar burgers mee te beschermen. Een pompier “niet echt” van hier dus.

“Ik ben al van jongs af aan bezig met de brandweer. Als 15-jarige zat ik bij de jeugdbrandweer van Luik en daarna werd ik ook meteen vrijwilliger in het dorp waar ik woonde. Daar ben ik trouwens nog altijd vrijwilliger. 

Maar op den duur begon het wel te kriebelen om echt bij een beroepskorps aan de slag te gaan. Dan ben ik beginnen kijken naar steden met grote korpsen en Antwerpen sprong meteen in het oog. De brandweer van Zone Antwerpen leek me echt fantastisch omdat er een brede waaier is aan industrie, stad, water, … Daarbovenop is de opleiding die je er als brandweerman krijgt, echt heel goed. 

Om als 22-jarige te starten in een korps dat heel wat échte Antwerpse pompiers heeft, was een uitdaging. Mijn mama is een Nederlandse en ik ben zowel in het Duits, Frans als Nederlands opgevoed. Maar om dan in een wereld van Antwerpse gezegdes en uitspraken terecht te komen, was “ni gemakkelaak” (lacht). Ik heb tijdens de opleiding een jaar in Antwerpen gewoond en in de ploeg is mijn Nederlands er ook nog sterk op vooruitgegaan. Na al die jaren heb ik zelf ook al een Antwerps accentje.

Ondertussen woon ik terug in de buurt van Eupen en rijd ik altijd anderhalf uur, of zo’n 150 km, om naar mijn werk te gaan. Ik weet dat het heel ongebruikelijk is en dat het lang lijkt, maar je went daar heel snel aan. Als ik een dagshift werk, vertrek ik thuis om 5 uur in de ochtend.Dat is vroeg, maar niet onoverkomelijk. Doordat we in shiften werken, moeten we gelukkig niet elke dag naar het werk komen en zo valt dat eigenlijk heel goed mee. 


Nu ik hier toch een hele tijd werk, voel ik dat ik klaar ben om mijn ambities wat meer ruimte te geven. Maar het belangrijkste voor mij is dat ik in een goede ploeg zit en dat is nu zeker en vast het geval. Als het van mij afhangt, blijf ik de rest van mijn leven brandweerman. Ik kom nog elke dag werken met hart en ziel.”