Reglement woonwagenterrein Deurne


1. Toepassingsgebied

Dit reglement is van toepassing op het woonwagenterrein gelegen ter hoogte van de 
Krijgsbaan in het district Deurne. Het terrein bevat 48 standplaatsen die verhuurd worden 
aan woonwagenbewoners met als bestemming wonen als hoofdverblijfplaats. 

2. Duur

Het reglement gaat in op 1 mei 2025 en loopt tot zolang het woonwagenterrein te Deurne 
wordt beheerd door de stad Antwerpen. 

3. Definities

3.1. Woonwagenbewoner  
Persoon die legaal in België verblijft en die naar traditie en cultuur woont of woonde in 
een woonwagen, of van wie de (groot)ouders dat deden, met uitzondering van bewoners 
van campings of gebieden met weekendverblijven.   

3.2. Woonwagenterrein 
Het residentieel woonwagenterrein dat enkel bestemd en ingericht is voor het niet-
recreatief permanent wonen in woonwagens op het terrein, in tegenstelling tot een 
recreatief of doortrekkersterrein.

3.3. Standplaats  
Een afgebakende en genummerde ruimte op het woonwagenterrein bestemd uitsluitend 
voor bewoning van één gezin in één woonwagen. Enkel deze plaatsen komen in 
aanmerking voor bewoning. Per standplaats is een vaste inrichting voorzien met sanitaire 
unit, overdekt terras, berging en tuin.

3.4. Woonwagen  
Een woongelegenheid voor de hoofdverblijfplaats van één gezin, die verplaatsbaar is na 
loskoppeling van de nutsleidingen en enkel bestemd wordt voor permanente niet-
recreatieve bewoning. De woonwagen is niet verankerd of gefundeerd in de grond, met 
uitzondering van de nutsleidingen (riolering, water, kabel, telefoon, internet, e.a.).

3.5. Aanbouw  
Een aanbouw is een constructie bestemd voor bewoning: 

  • die aangehecht is aan een residentiële woonwagen
  • die integraal deel uitmaakt van het woongedeelte of dienstig is als terras;
  • die gekenmerkt is door dezelfde flexibiliteit en verplaatsbaarheid als de 
    woonwagen.

3.6. Gezin  
Personen die op een duurzame wijze samenwonen in een woonwagen op het 
woonwagenterrein en daar samen 1 hoofdverblijfplaats hebben, waar zij ingeschreven 
zijn.

3.7. Standplaatshouder 
De woonwagenbewoner die een standplaats kreeg toegewezen door het college van 
burgemeester en schepenen voor zijn/haar gezin. In geval van samenwoonst wordt 
onder de standplaatshouder ook steeds de gehuwde of wettelijk samenwonende partner 
of de feitelijke samenwoner verstaan. De standplaatshouder sluit een huurovereenkomst 
af met AG Vespa en is verantwoordelijk voor het nakomen van de overeenkomst en het 
reglement.  

3.8. Woonwagencommissie  
De woonwagencommissie is een stedelijk adviesorgaan voor het beheer van het 
woonwagenterrein en de toewijzing van standplaatsen. De woonwagencommissie 
bestaat uit minstens vier leden, deze kunnen zijn: 

  • de bevoegde schepen of zijn vertegenwoordiger,
  • een vertegenwoordiger van het districtsbestuur,
  • een vertegenwoordiger van de terreintoezichter,
  • de vertegenwoordigers van betrokken stedelijke diensten (bv Financiën, 
    Stadsontwikkeling, Maatschappelijke Veiligheid,..),
  • de wijkagent,
  • een jurist van de stad Antwerpen,
  • een vertegenwoordiger van AG Vespa,
  • uit te nodigen (externe) deskundigen.

3.9. Terreintoezichter 
De stedelijke dienst woonwagenterreinen die de stad Antwerpen vertegenwoordigt in  
haar hoedanigheid van beheerder van het woonwagenterrein. De terreintoezichter is het  
eerste aanspreekpunt voor de woonwagenbewoners van het woonwagenterrein. 
De terreintoezichter is te bereiken op het adres Grote Markt 1, 2000 Antwerpen en via 
mail op woonwagenterreinen@antwerpen.be.  

3.10. Het college 
Het college van burgemeester en schepenen van de stad Antwerpen.

3.11. AG Vespa 
De verhuurder van de standplaatsen is het Autonoom Gemeentebedrijf (AG) Vespa, in 
haar hoedanigheid van vastgoedbeheerder van de stad Antwerpen.

3.12. De huurovereenkomst 
De individuele huurovereenkomst voor een standplaats op het woonwagenterrein tussen 
de standplaatshouder en AG Vespa. 

4. Toewijzing

4.1. Vrije standplaats 
Een standplaats kan vrij komen door een overlijden of stopzetting van het 
huurcontract.

Komt er een standplaats vrij? Dan maakt stad Antwerpen dat bekend aan alle bewoners van het woonwagenterrein en via de stedelijke kanalen, bijvoorbeeld de website. 

4.2. Aanvraag 
Iedereen die een standplaats op het woonwagenterrein wil als hoofdverblijfplaats, 
moet zich inschrijven:

  • binnen 30 dagen na de oproep
  • via een aangetekende brief of e-mail aan de terreintoezichter

Heeft de kandidaat een partner met wie hij/zij samenwoont of wil samenwonen op de standplaats? Dan moeten zij samen kandidaat zijn.

De kandidaten sturen deze documenten mee bij hun inschrijving:  

  • attest gezinssamenstelling
  • verklaring wie mee verhuist naar de standplaats
  • woonbewijs met adreshistoriek
  • duidelijke beschrijving (met afmetingen) en een foto van hun woonwagen
  • contactgegevens, bijvoorbeeld een telefoonnummer en e-mailadres
  • toestemming om persoonsgegevens te delen volgens de privacywet (GDPR)

4.3. Wie kan zich inschrijven?

4.3.1. Basisvoorwaarden (de kandidaat moet aan al deze voorwaarden voldoen)
De kandidaat : 

  • is een woonwagenbewoner
  • is meerderjarig (+ 18 jaar), of minderjarig (-18 jaar) met inwonende kinderen
  • kan zelf juridische beslissingen nemen en handelingen doen (is rechts- en handelingsbekwaam), of heeft toestemming van de persoon die wettelijk voor hem/haar mag beslissen (bewindvoerder)
  • heeft een woonwagen die voldoet aan de voorwaarden in dit reglement
  • heeft een gezin dat past in de woonwagen 
    (volgens de bezettingsnorm uit het richtinggevend technisch verslag van Vlaanderen over de woonkwaliteit van woonwagens, zie bijlage 2)
  • heeft geen schulden bij stad Antwerpen
    (Uitzonderlijk kunnen ook kandidaten meedoen die:
    • een collectieve schuldenregeling hebben
    • budgetbeheer of -begeleiding krijgen door een erkende Vlaamse instelling voor schuldbemiddeling, zoals het OCMW)
  • is nooit verwijderd van een woonwagenterrein, omdat hij/zij de huur niet betaalde, het reglement niet respecteerde …
  • gaf toestemming om persoonsgegevens te gebruiken volgens de GDPR, zodat de woonwagencommissie de aanvraag kan beoordelen 
    (zie artikel 4.4.)

Voldoet de kandidaat niet aan de basisvoorwaarden? Dan kan hij/zij geen kandidaat zijn voor de standplaats. De terreintoezichter maakt een lijst van alle kandidaten die aan de basisvoorwaarden voldoen.

4.3.2. Volgorde van de kandidaten
Welke kandidaat krijgt als eerste de standplaats? 
De terreintoezichter zet de kandidaten in deze volgorde:

  1. Inwonende meerderjarige gezinsleden van de bewoner van de vrije standplaats
    Ze zijn minstens 10 jaar op het woonwagenterrein ingeschreven voor ze meerderjarig werden.
  2. Inwonende meerderjarige gezinsleden van de bewoners van andere standplaatsen op het woonwagenterrein
    Ze zijn minstens 10 jaar op het woonwagenterrein ingeschreven voor ze meerderjarig werden.
  3. Bewoners van het woonwagenterrein die het als hoofdverblijfplaats gebruiken
    Ze zijn minstens de laatste 5 jaar ingeschreven op het woonwagenterrein.
  4. Bewoners van het woonwagenterrein die het als hoofdverblijfplaats gebruiken
    Ze zijn minder dan 5 jaar ingeschreven op het woonwagenterrein.
  5. Familie van 1 van de bewoners van het woonwagenterrein
    Ze wonen vandaag niet op het woonwagenterrein.  

Zijn er verschillende kandidaten die op dezelfde plaats in de volgorde komen? 
Dan komen eerst de kandidaten met:  

  • minstens 1 schoolplichtig kind dat naar school gaat in de buurt 
    van het woonwagenterrein
  • minstens 1 inwonend kind dat mee ingeschreven is op hetzelfde 
    adres

4.4. Woonwagencommissie en gesprek
De woonwagencommissie bekijkt de lijst met kandidaten en kijkt onder andere naar deze criteria:

  • Zijn er goede familiale en sociale relaties met de andere bewoners op het woonwagenterrein?
  • Wat weten de stedelijke diensten over de kandidaat op basis van zijn/haar gedrag op het woonwagenterrein?
  • Zijn er bijzondere sociale redenen die belangrijk zijn? 
    (persoonlijke situatie, omstandigheden van het gezin …)
  • Wat is de woongeschiedenis van de kandidaat?
  • Hoe groot is de woonnood van de kandidaat?

De woonwagencommissie nodigt alle geschikte kandidaten uit voor een gesprek.
Na het gesprek doet de commissie een voorstel aan het college met: 

  • de volgorde van kandidaten en wie eerst de standplaats krijgt
  • de duur van het huurcontract 

Het college beslist over het voorstel. 

4.5. Beslissing college van burgemeester en schepenen
Het college wijst de standplaats toe en beslist over:

  • de volgorde van de kandidaten
  • de kandidaat die de standplaats eerst krijgt
  • de datum waarop de kandidaat op de standplaats mag wonen
  • de duur van het huurcontract

Wat gebeurt na de beslissing?

  • Stad Antwerpen bezorgt de beslissing per brief aan de gekozen kandidaat.
  • Alle kandidaten krijgen een brief met de beslissing.
  • De kandidaat laat binnen 7 dagen per brief aan de terreintoezichter weten of hij/zij de standplaats accepteert. Weigert de kandidaat?
    • Dan heeft hij/zij geen recht meer op de standplaats.
    • De stad stuurt een brief naar de volgende kandidaat op de lijst.
  • Accepteert een kandidaat de standplaats?
    • Vanaf dan geldt de lijst van kandidaten niet meer.
    • Er komt geen wachtlijst.
  • AG Vespa (autonoom gemeentebedrijf) sluit een huurcontract af met de kandidaat die de standplaats accepteert. 
    Heeft de kandidaat een partner? Dan sluit AG Vespa ook met die partner een huurcontract af.
  • De kandidaat mag 9 jaar op de standplaats wonen (standaard huurcontract van 9 jaar).
    • Dat wordt daarna elke keer automatisch verlengd met 9 jaar (zie model in bijlage 1). 
    • Het college kan bij goede motivatie afwijken van de standaardduur van 9 jaar.
  • De kandidaat moet binnen 14 dagen na de schriftelijke acceptatie op de standplaats wonen.

5. Gebruik en onderhoud standplaats

5.1. Bewoning 
De standplaats moet feitelijk bewoond worden als hoofdverblijfplaats door de 
standplaatshouder en zijn gezin. De standplaatshouder en alle gezinsleden worden 
ingeschreven in het bevolkingsregister op het adres van de toegewezen standplaats. 
Elke wijziging van de gezinssamenstelling moet aan de terreintoezichter en AG Vespa ter 
kennisgeving worden gebracht.

Voor de ophaling van het huisvuil schikken de standplaatshouders zich naar de geldende 
wettelijke en gemeentelijke bepalingen ter zake. Afvalstoffen worden ingezameld en 
verwijderd volgens de bepalingen van de politiecodex op het inzamelen van afval en het 
gebruik van het containerpark.    

5.2. Inrichting standplaats
De inrichting van een standplaats met stelplaatszone, parkeerstrook, sanitaire unit, 
overdekt terras, tuin en berging mag niet gewijzigd worden, noch mag de bestemming 
ervan gewijzigd worden.

5.2.1. Stelplaatszone 

  • De plaatsing van de woonwagen en eventuele aanbouw mag enkel gebeuren 
    binnen de stelplaatszone (max 13 x 7m).
  • Het volume van de woonwagen + aanbouw mag nooit groter zijn dan 200 m³.
  • De minimale afstand tussen constructies op twee aanpalende standplaatsen is 4 
    meter.
  • Er mag geen gas gebruikt worden in functie van het wonen in de woonwagen.
  • Wanneer de standplaatshouder zijn woonwagen en/of aanbouw wenst te 
    veranderen, dient hij hiervoor de toestemming te vragen aan het college. Hij 
    bezorgt daarvoor een aanvraag aan de terreintoezichter met daarin  
    - een duidelijke omschrijving van de nieuwe woonwagen of van de beoogde 
    aanpassingen; 
    - foto’s indien mogelijk; 
    - een offerte van de nieuwe woonwagen en/of een duidelijk uitgetekend plan 
    van de beoogde aanbouw en/of aanpassingen; 
    - de afmetingen van de nieuwe woonwagen en/of aanbouw; 
    - de manier waarop de nieuwe woonwagen zal verwarmd worden.

    Het college toetst de vraag steeds aan de voorwaarden van dit reglement en de 
    verkavelingsvergunning. Het college bezorgt de beslissing over de aanvraag aan 
    de standplaatshouder.

5.2.2. Parkeerstrook 

  • Het parkeren van voertuigen mag enkel gebeuren op de parkeerstrook van de 
    standplaats.  
  • Er mogen maximaal 2 voertuigen geparkeerd worden in de parkeerstrook. Dit mogen 2 
    personenwagens zijn of 1 personenwagen en 1 ander voertuig, zoals een 
    kampeerwagen, caravan/mobilhome of een kleine vrachtwagen met open 
    laadbak.  Deze caravan of mobilhome mag enkel dienen om te reizen of in rond te 
    trekken en niet voor bewoning. In geen geval worden de op de parkeerplaats 
    geplaatste voertuigen gekoppeld aan de woonwagen om diens bewoonbare 
    oppervlakte te vergroten. 

6. Stopzetting

6.1. Opzeg door de standplaatshouder 
De standplaatshouder kan te allen tijde een einde maken aan de huurovereenkomst 
zonder motivatie, en zonder enige schadevergoeding, met een schriftelijke opzeg van 
drie maanden.  

6.2. Opzeg door de stad/AG Vespa  
De stad/AG Vespa kan een einde maken aan de huurovereenkomst met een schriftelijke 
opzeg van zes maanden, zonder enige vorm van schadevergoeding, in de volgende 
gevallen:  

  • Bij het niet naleven van de bepalingen van de huurovereenkomst;
  • Bij het niet naleven van de bepalingen van dit reglement;
  • Bij achterstand van betaling van de huur van minstens drie maanden;
  • ingeval noodzakelijke werken moeten worden uitgevoerd die een verblijf op de 
    standplaats onmogelijk maken. 

7. Overgangsmaatregelen

7.1. Verhuis woonwagen van het oude naar het nieuwe terrein 
De woonwagenbewoner die een woonwagen had op het oude woonwagenterrein en een 
nog geldige toewijzing heeft gekregen van het college van burgemeester en schepenen 
voor een standplaats op het nieuwe woonwagenterrein, kan zijn woonwagen mee 
verhuizen naar het nieuwe woonwagenterrein indien hij hiervoor de toestemming heeft 
gekregen van de terreintoezichter. De plaatsing van deze woonwagen zonder aanbouw 
mag niet onverenigbaar zijn met de veiligheidsvoorschriften (bv in het kader van brandveiligheid moet er minstens 4 meter tussen 2 woonwagens zijn). Indien de 
woonwagen/aanbouw niet verenigbaar is met de veiligheidsvoorschriften, kan deze niet 
mee verhuizen.  

7.2. Gebruik van gas 
Het gebruik van gas op het nieuwe woonwagenterrein is verboden, uitgezonderd de 
plaatsing van max. 2 gasflessen van max. 100l. (50kg.) per standplaats, en enkel voor de 
woonwagens die op basis van art 7.1 mee mogen verhuizen. Gasflessen dienen steeds 
op een correcte wijze bewaard te worden: rechtopstaand; uit de zon; bij voorkeur in open 
lucht, bijvoorbeeld onder een gesloten afdak. 

7.3. Huurovereenkomst 
De woonwagenbewoner die een standplaats heeft toegewezen gekregen op het nieuwe 
woonwagenterrein door het college van burgemeester en schepenen, krijgt op het 
moment van de verhuizing naar de nieuwe standplaats een huurovereenkomst voor zijn 
nieuwe standplaats, volgens de voorwaarden van dit reglement. 

7.4. Schulden 
De woonwagenbewoner die nog schulden heeft aan de stad Antwerpen, moet de 
schulden afbetaald hebben of aan het afbetalen zijn middels een ondertekend 
afbetalingsplan, dat wordt nagekomen. Het niet naleven van het afbetalingsplan kan 
leiden tot de opzeg van de standplaats door AG Vespa. 

8. Toepasselijke bepalingen

  • Ministerieel besluit tot bepaling van de voorwaarden voor de toekenning van de 
    subsidies voor investeringen in terreinen voor woonwagenbewoners ter uitvoering 
    van artikel 5.83, § 4, artikel 5.84, 5.88, eerste lid, artikel 5.89 van het Besluit Vlaamse 
    Codex Wonen van 2021.
  • De Code van politiereglementen van de stad Antwerpen. 

Bijlagen

  1. Model huurovereenkomst
  2. Richtinggevend technisch verslag over de kwaliteit van woonwagens