Ongezond financieel gedrag leidt tot schulden. Schulden leiden tot een tunnelvisie waardoor mensen met schulden vaak bijkomende schulden aangaan. De stad Antwerpen startte daarom het project schuldsanering. Samen met de Karel de Grote Hogeschool deden ze een onderzoek naar de impact van het project schuldsanering.
Op 1 januari 2022 startte stad Antwerpen met een initiatief naast en bovenop haar normale schuldhulpverlening. Het project schuldsanering wil de vicieuze cirkel doorbreken door klanten in schulden tijdelijk meer financiële ruimte te geven. Dat doen ze door een saneringsbudget of een saneringskrediet toe te kennen of in uitzonderlijke situaties via overname van een deel van de schulden.
In de periode tussen januari 2022 en september 2023 ontvingen 50 gezinnen in schuldbemiddeling een saneringsbudget. In het onderzoek gingen de onderzoekers van KdG na wat de impact daarvan was.
Deze data werden kwantitatief gemeten:
We maten meerdere keren in de tijd bij dezelfde personen. Het eerste meetmoment vond plaats tijdens het eerste gesprek (de nulmeting). De tweede meting gebeurde tijdens het afrondingsgesprek aan het einde van het traject (de eindmeting).
Er gebeurden ook kwalitatieve bevragingen. In deze interviews gingen we dieper in op de beleving van de klanten en peilden we naar ervaringen van schuldhulpverleners.
Uit de nulmeting blijkt dat vooral de ‘sterkere profielen’ meer financiële stress ervaren:
Schuldsanering slaagt erin de vicieuze spiraal te keren. De ingrepen hebben een positief effect op welzijn, financiële vaardigheden en dragen bij aan het afbouwen van de schuldenlast.
Uit de cijfers blijkt dat door schuldsanering:
Klanten ervaren het project schuldsanering als een ware steun. Het 'schuldsaneringsproject' draagt bij aan innerlijke rust, controle en keuzevrijheid, toekomstperspectief en meer bewuste interpersoonlijke relaties. Door het project krijgen ze meer financiële ademruimte, dat geeft een gevoel van controle en vermindert stress.
Hulpverleners geven aan dat de schuldenlast van klanten vermindert, ze hun financiële situatie beter onder controle hebben, dat hun welzijn verbetert en ze nu beter omgaan met onverwachte gebeurtenissen. Hulpverleners ontvangen minder hulpvragen over binnenkomende rekeningen, terwijl dat voor de deelname aan het project vaker het geval was. Minder vanzelfsprekend is en blijft de mogelijkheid om een financiële buffer aan te leggen door maandelijks geld opzij te zetten.