Op vrijdag 11 september huldigde district Deurne het nieuwe toren- en gevelgedicht ‘Tussen loket en levenslijn’ van de Antwerpse stadsdichter Esohe Weyden feestelijk in. Het kunstwerk verbindt poëzie, architectuur en de verhalen van duizenden bezoekers die jaarlijks het districtshuis binnen- en buitenstappen. Daarmee krijgt Deurne er niet alleen een opvallend kunstwerk in de publieke ruimte bij, maar ook een blijvende artistieke getuigenis van het leven in het district.
Het gedicht werd geschreven door Esohe Weyden, die zelf opgroeide in Deurne en nog steeds in het district woont. Voor haar is het districtshuis een bijzonder betekenisvolle locatie. Het gebouw vormt volgens haar een plaats waar mensen elkaar kruisen op belangrijke momenten in hun leven: bij een geboorte, huwelijk, verhuis, migratie of andere administratieve mijlpalen. Het gedicht geeft stem aan die menselijke verhalen die schuilgaan achter elk dossier, elke handtekening en elk loketbezoek.
Esohe Weyden, Antwerps stadsdichter: "Als trotse Deurnenaar was het een droom om op deze plek een gedicht achter te laten. Ik wilde niet zozeer óver het gebouw schrijven, maar het gebouw zelf een stem geven. Achter iets schijnbaar administratiefs schuilt altijd een menselijk verhaal.”
Vanuit het districtshuis kijkt het gedicht naar de stroom van mensen die dagelijks passeren. Jong en oud, geboren Deurnenaren en nieuwe Antwerpenaren, inwoners met uiteenlopende achtergronden en toekomstplannen. Het resultaat is een poëtische ode aan ontmoeting, verandering en verbondenheid.
Voor de grafische vormgeving werkte district Deurne samen met Catapult. Centraal in het ontwerp staat de verticale lijn die verwijst naar de levenslijn uit de titel van het gedicht. Tegelijk vormt die lijn het grafisch scharnierpunt tussen binnen en buiten, tussen verleden en toekomst, en tussen de administratieve en menselijke functie van het districtshuis.
De tekst werd niet als een klassiek tekstblok op de gevel geplaatst, maar beweegt zich over de architectuur van het gebouw. Op cruciale momenten kruisen de woorden ‘levenslijn’ en ‘scharnierpunt’ de verticale lijn, waardoor de inhoud van het gedicht ook visueel voelbaar wordt. De typografie sluit daarbij aan op de modernistische architectuur van het districtshuis en volgt het ritme van de gevelstenen en voegen. Poëzie, typografie en architectuur komen samen in één compositie waarin beweging, overgang en evolutie centraal staan.
Het toren- en gevelgedicht voegt een uniek herkenningspunt toe aan het hart van Deurne. Het districtshuis als een scharnierpunt tussen verleden, heden en toekomst en altijd met een persoonlijk verhaal.
Met dit project realiseert Esohe Weyden een lang gekoesterde wens om als stadsdichter ook buiten het historische stadscentrum zichtbaar aanwezig te zijn. Sinds de start van haar mandaat zette ze bewust in op projecten in verschillende Antwerpse districten. Het toren- en gevelgedicht in Deurne vormt een bijzonder hoofdstuk binnen die ambitie, omdat het zich afspeelt op de plek waar haar eigen levensverhaal mee vorm kreeg.
Het Antwerpse stadsdichterschap is een project van VONK & Zonen, met stad Antwerpen als partner. Met de steun van Literatuur Vlaanderen, Rataplan, Behoud De Begeerte, De Studio, Creatief Schrijven, De Roma, Catapult, Reputations en Koen Broos.
