Contacteer stad Antwerpen

Sneeuw- en ijzelplan

Afhankelijk van het weer of wintertype onderneemt de stad acties om sneeuw en ijzel te bestrijden. Op deze pagina vind je de strooiroutes.


Hoe de stad sneeuw en ijzel bestrijdt

Antwerpen wil ook in de winter veilig en bereikbaar zijn. Bij sneeuw en ijzel zet de stad alle beschikbare middelen in om wegen en fietspaden zo snel mogelijk berijdbaar te maken. Toch is het onmogelijk om overal tegelijk te strooien. Daarom maken we keuzes.

Focus op veiligheid en bereikbaarheid
We starten altijd met de belangrijkste verkeersassen, logische fietsverbindingen en kritieke infrastructuur zoals bruggen. Deze routes worden jaarlijks geëvalueerd en afgestemd met de districten en de dienst Mobiliteit. Zo zorgen we ervoor dat het openbaar vervoer, hulpdiensten en het grootste deel van het verkeer kan blijven rijden.

Zeer grote inspanning, onzeker resultaat
De stad beschikt over een vast aantal speciaal uitgeruste voertuigen en goed opgeleide medewerkers. Bij extreme omstandigheden zetten we extra ploegen in. Bij aanhoudende sneeuwval of vorst kunnen eerder gestrooide wegen opnieuw glad worden. Dat is normaal: zout en pekel werken pas optimaal als er verkeer over rijdt. Zodra het sneeuwt en zeker bij langdurige sneeuwval, moeten we opnieuw beginnen. Dat kan helaas niet overal tegelijk. Zo lijkt het soms of de voorziene routes niet of onvoldoende gestrooid werden. De moeilijke factor is dus de onvoorspelbaarheid van het weer en de wegconditie. De stad engageert zich met zoveel mogelijk inspanningen, maar kan niet altijd en overal goed resultaat garanderen. Het bestrijden van sneeuw en ijzel is een inspanningsverbintenis en geen resultaatsverbintenis. We vragen begrip voor deze aanpak. 

Samen zorgen we voor een veilige stad
Onze medewerkers werken dag en nacht om de stad bereikbaar te houden. Jij kan helpen door de stoep voor je deur sneeuwvrij te maken. Ga je de baan op? Pas je rijgedrag aan. Zo zorgen we samen voor een veilige stad.        

Strooiroutes bij gladheid

1. Standaard strooiroutes

  • Bij risico op gladheid worden er vaste routes gereden op fietspaden en rijwegen.
  • Selecteer op het strooiplan de fietspaden of rijwegen om een gestrooide route te plannen.
  • Als de strooiroutes er goed bijliggen, wordt verder ingezet op andere fietspaden en rijwegen.
  • Er wordt preventief of curatief gestrooid, waarbij de dosering van de dooimiddelen wordt aangepast aan het type winterse omstandigheden.
  • Inzet:
    • 10 voertuigen voor fietspaden
    • 7 voertuigen voor rijwegen
    • Bij extreem noodweer of sneeuwval kan de noodcode afgeroepen worden en kunnen alle 28 voertuigen worden ingezet.

2. Kritieke infrastructuur en bruggen

Fietspaden

  • 10 speciale wagens borstelen de fietspaden sneeuwvrij en bestrooien ze daarna met pekel.
  • Pekel heeft langer effect en veroorzaakt minder schade aan fietsen dan zout. Net zoals op de rijwegen moet erover gereden worden voor een optimale werking.
  • Jaarlijks evalueert de stad welke wegen en fietspaden in het strooiplan worden opgenomen.

Tips voor fietsers

  • Rij trager, vermijd scherpe bochten en rem op tijd.
  • Bekijk de strooiroutes (hierboven).

Rijwegen

7 zoutstrooiers van de stad maken de belangrijkste autowegen sneeuw- en ijsvrij.

Pas je rijgedrag aan 
  • Plan je route. Kies hoofdwegen en gestrooide routes (hierboven).
  • Verlaag je snelheid. Sneeuw en ijzel zorgen voor veel minder grip. Hoe trager je rijdt, hoe meer controle je hebt. Houd rekening met een langere remafstand (die kan tot 10 keer langer zijn).
  • Vergroot je volgafstand. Normaal is 2 seconden afstand voldoende, maar bij gladheid wordt 6 tot 10 seconden aanbevolen. Zo heb je meer tijd om te reageren als de auto voor je slipt.
  • Vermijd bruusk sturen en remmen. Plots remmen of scherp sturen kan leiden tot slippen. Rem geleidelijk en gebruik indien mogelijk de motorrem (door terug te schakelen).
  • Gebruik lage versnellingen bij vertrek. Bij het optrekken op gladde ondergrond is het beter om in tweede versnelling te starten om doorslippen te vermijden.
  • Wees extra alert op bruggen en schaduwplekken. Die vriezen sneller aan dan gewone wegen.
  • Vermijd steile hellingen en kleine straten waar minder gestrooid wordt.

Welke middelen zet de stad in?

  • 300 vegers en 150 medewerkers van de groendienst staan op werkdagen klaar om manueel te strooien.
  • 17 chauffeurs staan elke werkdag klaar om uit te rijden met een strooiwagen.
  • 78 chauffeurs zijn opgenomen in een wachtsysteem om ook ’s nachts en in het weekend uit te rijden.
  • 7 zoutstrooiers houden de openbare wegen sneeuw- en ijsvrij.
  • 10 pekelstrooiers worden ingezet voor de fietspaden.
  • 1200 ton zout is permanent op voorraad, met een extra 2000 ton die onmiddellijk kan worden geleverd.
  • 180.000 liter pekel wordt in voorraad gehouden.
  • Grind wordt niet gebruikt. Dit is enkel van nut bij vriesperioden langer dan enkele weken. De snelle afwisseling tussen vorst en dooi in België zorgt ervoor dat grind snel loskomt, riolen verstopt of auto’s beschadigt.
  • Kleikorrels worden jaarlijks gestrooid op wegen in parken. Ze bevatten geen zout en zijn dus milieuvriendelijk.
  • Zoutkisten van 400 kg worden geplaatst op markten en kritieke plekken, zodat handelaars en marktkramers hun omgeving sneeuw- en ijsvrij kunnen houden.

Wat moet jij doen bij sneeuw en ijzel?

  • Stoep: als bewoner ben je zelf verantwoordelijk voor het sneeuw- en ijsvrij houden van de stoep voor je deur.
  • Meldingen: zie je een gevaarlijke situatie op de rijweg (straten, pleinen, bruggen, ...)? Bel de Blauwe Lijn (0800 123 12). Zij zorgen voor een bijkomende strooiopdracht.

Stadsgebouwen

De stad is verantwoordelijk voor (de omgeving van) stadsgebouwen. De gebouwverantwoordelijken krijgen een briefing en materiaal. Zij zorgen voor een sneeuw- en ijsvrije omgeving. 

Afvalophaling bij winterweer

Door het winterweer is het voor de afvalophalers niet altijd makkelijk om overal te geraken, zeker als er nog niet gestrooid is. De afvalophalingen kunnen trager verlopen en is het mogelijk dat de ophaling later gebeurt. De medewerkers van Stadsreiniging doen er alles aan om de problemen tot een minimum te beperken.