Bij afwezigheid door ziekte geldt de wetgeving over het gewaarborgd loon.
De eerste maand heeft een arbeider met artikel 60-statuut geen gewaarborgd loon bij ziekte.
Vanaf de tweede maand ziekte geldt de regeling van het gewaarborgd loon:
De eerste maand heeft een bediende artikel 60-medewerker gewaarborgd loon bij ziekte:
Bij erkenning van de arbeidsongeschiktheid ontvangen de artikel 60-medewerker en stad Antwerpen (als werkgever) inlichtingenformulieren om in te vullen. Info.werkervaringsklant vult het bewijs in na de werkhervatting. Dit moet enkel gebeuren bij een vroegtijdige werkhervatting.
Het getuigschrift vermeldt een einddatum. Is de artikel 60-medewerker langer arbeidsongeschikt? Dan verlengt de dokter de arbeidsongeschiktheid.
De artikel 60-medewerker bezorgt het nieuwe getuigschrift digitaal of per post aan de mutualiteit binnen 7 kalenderdagen (= einddatum van het laatste getuigschrift + 7 dagen)
Ging de artikel 60-medewerker werken en wordt deze opnieuw ziek? Dan spreken we over 'herval'. De artikel 60-medewerker bezorgt het nieuwe getuigschrift digitaal of per post aan de mutualiteit binnen 7 kalenderdagen (= begindatum ziekte + 7 dagen).
Let op! Er is alleen sprake van herval als aan alle vier de volgende voorwaarden tegelijk wordt voldaan:
Deze bepaling geldt voor zowel arbeiders als voor bedienden vanaf 1 januari 2026 en is van toepassing op de arbeidsongeschiktheden vanaf 1 januari 2026.
Wordt een medewerker opnieuw ziek na die 8 weken? Dan spreken we niet over een herval. De artikel 60-medewerker doet dan een nieuwe aangifte.